Idealisme neemt een gewelddadige wending.

Geschiedenis heeft de hebbelijkheid om behaaglijke clichés te vermorzelen. Indiërs houden ervan zichzelf te zien als vredelievende pacifisten met een erfenis die teruggaat tot Boeddha en bevestigd werd door Mahatma Gandhi's geweldloze strijd om de vrijheid; ze verwachten dat de rest van de wereld hen ook zo ziet. De geweldloze strijd fungeerde uiteindelijk als vroedvrouw bij de geboorte van twee aparte staten, voor altijd in een haatliefde verhouding verwikkeld, zoals de broedermoordende neven in de Mahabharata. Zoals de meeste naties met een oude geschiedenis, wordt die van India gemarkeerd door oorlogen, voornamelijk onderlinge vetes. Dit geweld uit het verleden behoort niet tot de betwistte hoofdstukken uit de Indiase historie, maar wordt wel op een verwrongen manier in herinnering gebracht om de huidige ideologische strijd tussen secularisme, Hindoe fascisme en ander fundamentalisme te voeden. De opnieuw geldende kaste- en regionale identiteiten van de laatste dertig jaar, voegen een andere dimensie toe aan de gevoelens van angst met als resultaat het uitbreken van openlijk en verborgen geweld. De systematische, door religie gesanctioneerde, onderdrukking van de Dalits (onaanraakbaren) door een hiërarchische kastenstructuur is een vorm van geweld die al zolang bestaat dat de meeste van ons hem voor lief nemen Het is de verdienste van de New Indian Cinema dat ze deze kastenonderdrukking tot een van haar hoofdthema's maakte, totdat het bijna een cliché werd van de Art cinema.

De commerciële films evenals de art films hebben dit alles doordringende geweld nauwelijks onderzocht en het tegen een historische erfenis afgezet om zo eventuele connecties met de huidige situatie te onderzoeken. Misschien omdat Indiërs niet van een ideologisch discussie houden maar vragen om eenvoudige films die het onderwerp behangen met emoties. De malaise van het passief accepteren van sociale ongelijkheid ten aanzien van vrouwen en kasten, lijkt verankerd te zijn in de collectieve psyche. Het zou apathie kunnen zijn, veroorzaakt door het alles maar accepteren als deel van iemands lotsbestemming (Karma). Gandhi wekte India uit haar apathie met zijn methode van revolutionaire geweldloosheid, die hij als geestkracht gebruikte. Maar zelfs op het hoogtepunt van zijn beweging van burgerlijke ongehoorzaamheid, waren er andere stemmen die met hem van mening verschilden. Sommige nationalisten waren ervan overtuigd dat een imperialistische kolonisator alleen verdrongen kon worden met geweld. De andere afkeurende stem kwam van Tagore. Hij was het oneens met de excessen van de Swadeshi Movement, die buitenlandse goederen verbrandde als verzet tegen de economische onderdrukking van de bezetter. Tagore was ervan overtuigd dat het onafscheidelijke geweld dat met deze romantische economische theorie verbonden was eenvoudig kon escaleren van symbolische deden tot fysiek geweld.

Dit conflict is impliciet aanwezig in Tagores boek The Home and the World Satyajit Ray integreert het in de verhaallijn van zijn film Ghare Baire, het debat optillend tot actuele relevantie. Je zou kunnen zeggen dat, zoals zoveel in de Indiase film, de discussie over de relatie tussen geweld en idealisme is gecreëerd door Ray. Ghare Baire is meer dan een tragische driehoeksverhouding van een landeigenaar Nikhil die zijn vrouw (Bimla) overhaalt om uit haar afzondering te treden en zijn vriend Sandip te ontmoeten. Nikhil wil niet dat Bimla van hem houdt omdat het haar plicht is. Zijn Don Quichote houding wordt duidelijk in de idealistische onderneming om inheemse zeep te maken tegen enorme bedragen en dan te ontdekken dat de romantiek van de huisindustrie zijn verarmde Moslim pachters het ergste raakt. Intussen bedwelmt de flamboyante Sandip, Bimla met een kundige mix van complimentjes en patriottisme. Nikhil weet dat Sandip zijn huishouden ondermijnt en hij tolereert het. Sandips populistische politiek die geweld romantiseert loopt voor Nikhil slecht af en bezorgt Bimla een intense pijn over haar eigen verraad. Ray vertaalt Tagores principes door in zijn scenario incidenten uit te werken waarover in het boek alleen maar wordt gezinspeeld. Hij laat zien dat Sandips type nationalisme gewelddadig en vijandig is ten aanzien van minderheidsgroepen. Ray bewijst verontrustend profetisch te zijn in zijn visie op het leed dat veroorzaakt wordt door exclusief meerderheids patriottisme.

Tagore had eveneens de moed de Mahatma tegen te spreken. Regisseur Shyam Benegal brengt de ontwikkeling in kaart van een keurige jonge advocaat die een zaak bepleit van een bevriende Gujarati zakenman in Zuid Afrika Making of the Mahatma is een intiem epos: intiem in de strijdlustige verhouding van Gandhi en Kasturba (zijn vrouw); episch als het gaat over Gandhi's organisatietalent waarbij hij persoonlijke aantrekkingskracht combineerde met de verkondiging van een nieuw gevonden filosofie om onderdrukking met ethisch, morele en politieke daadkracht tegemoet te treden. Benegal schuwt de tragische ironie van Gandhi's leven niet. De Vader van de Natie schoot te kort in de relatie tot zijn eigen zoon en vrouw.

Na de moord op Gandhi staken al snel vragen de kop op over de waarde van geweldloosheid in een gewelddadige eeuw. Jonge rebellen werden bijvoorbeeld aangesproken door de Maoïstische ideologie, zelfs in een staat waar het orthodoxe communisme sterk was en door middel van legale verkiezingen aan de macht was gekomen Govind Nihalani, Indiaas meest consistente politieke filmmaker, kijkt naar de Naxalite Movement met de ogen van een door pijn en schuld gekwelde moeder in Hazaar Chaurasi ki Ma. De film volgt de angstige tocht van Sujata die het dode lichaam van haar favoriete zoon moet identificeren. Wanneer zij haar eigen comfortabele bestaan onderzoekt, ontdekt zij voor welke idealen, dromen en overtuigingen haar zoon, stond.

Vanaf de jaren '70 barstte in India het geweld los in de vorm van etnische- en kaste oproer en selectieve terreurdaden door militante afscheidingsbewegingen met als doelwit de Centrale Regeringen andere etnische groepen. Hier opereren vele separistische bewegingen, die genegeerd worden door de rest van het land, behalve wanneer de hoeveelheid geweld nieuws is. Indiase filmmakers waren altijd beducht voor deze gewelddadige gebieden en waren tevreden met een archetype van de onbekende terrorist met vage extra-territoriale loyaliteiten, als schurk. Totdat Mani Ratnam Roja maakte. Ratnam spreekt zich in Dil Se in tegenstelling tot in Roja niet uit over de precieze etnische identiteit en de motivatie van zijn terroriste. Pas laat in de film geeft Ratnam een verklaring voor de motieven van het meisje om deel te nemen aan de militante strijd Santosh Shivan, past ervoor op om in The Terrorist de identiteit van Malli en haar missie prijs te geven, maar niemand kan de gelijkenis ontgaan met de menselijke zelfmoordbom die Rajiv Gandhi doodde. In de Terrorist is het existentiële dilemma uiteengezet in termen van een biologische bestemming.

Satya was de doorbraakfilm van de jaren negentig. Ram Gopal Varma is een filmmaker die zijn inspiratie haalt uit vele onderwerpen en experimenteert in verschillende stijlen. In Satya bestaat geen onschuld meer die gecorrumpeerd of verleid kan worden. Misdaad en geweld zijn gewoon elkaar afwisselende middelen geworden om te overleven in een meedogenloze maatschappij. Satya, de outsider zonder herinnering aan een thuis, sluit zich aan bij de criminele onderwereld van Bombay. Hij vindt werk, vriendschap en kameraadschap bij een nieuwe familie van bendeleden, en in het bijzonder bij Bhiku Mhatre, de sympathieke maar dodelijke leider (van wie Manoj Bajpai een van de meest beroemde personages in de Indiase filmhistorie maakte). Satya is de film die het dichtst Quentin Tarantino's school van terloops geweld en macabere humor nadert. Alhoewel de regisseur elke waardering voor criminelen afwijst, zorgt de toon van de film dat onze sympathie naar hen uitgaat en niet naar de politie.

Khalid Mohamed, een van India's leidende filmcritici, schreef drie scenario's voor Shyam Benegal die alle gecentreerd zijn rondom het thema 'zoektocht'. Fiza, zijn regiedebuut, speelt zich af tijdens de gruwelijke nadagen van de rellen in Bombay (1992-93) toen Hindoe fanatici op de moslim gemeenschap inhakten en de politie soms actief de moordenaars steunde. De tiener Amaan wordt vermist. Later blijkt dat hij zich bij een militante groep heeft aangesloten die het op corrupte politici voorzien heeft Fiza is intens ontroerend als menselijk drama en evenwichtig in het verbeelden van de rellen. Khalid Mohamed laat moedig genoeg een jonge vrouw de protagonist zijn, bezield en dapper en niet gehinderd door romantische verwikkelingen. In zoverre is de film heel progressief. Maar waar het misgaat in Fiza is in het met opzet vaag houden van wat de ideologie van de groep inhoudt die Amaan eerst redt en daarna rekruteert.

Het is een zeldzaamheid dat een boek, gebaseerd op een krantenbericht, tot een briljante film leidt die geheel eenduidig is en tegelijkertijd onweerstaanbaar complex. Rituparno Ghosh lukte dit in Dahan. Hij heeft een helder idee over zijn personages en wekt ze met gemak tot leven dit alles in een genuanceerde culturele en sociale context. Bovendien heeft Ghosh de controle over een complex verhaal dat zich beweegt tussen de twee hoofdrolspeelsters en hun families. Beklemmend is het gevoel dat hij tijdens de film creëert van een krimpende innerlijke ruimte van zijn twee protagonisten.

Girish Kasaravalli, winnaar van drie National Awards voor de beste film is een van de meest onderschatte filmmakers. Hij gebruikt de literatuur uit Kannada, als inspiratie en transformeert haar in een gracieuze filmtaal. Zijn zoektochten langs de schaduwkanten van de traditie hebben een verontrustende dubbelzinnigheid. Thai Saheb is het verhaal van de beschermd levende echtgenote van een landeigenaar, die zich gedurende de afwezigheid van haar man (een fanatiek volgeling van Gandhi) los maakt van haar feodale erfenis en tijdens een epische reis zichzelf vindt.

Asutosh Gowarikar tenslotte combineert op briljante wijze de twee passies van India: cinema en cricket. Lagaan toont het geweld dat de kolonisator pleegt die het onderworpen ras wil vernederen maar doorspekt dit met andere Britse personages die de impliciete cricketdeugden symboliseren van het fair play. Als sport oorlog is, laat Lagaan zien dat slachtoffers de machtige onderdrukker het onderspit kunnen doen delven. Het is de laagste in rangorde, de gehandicapte onaanraakbare, die de verloren partij omzet in winst.

Maithili Rao

 

Achter de schermen